top of page

    Hoe verzorg je een diabetische voet:

    8 okt
    5 minuten om te lezen



    Diabetische voet thuis verzorgen: praktische checklist

    Een diabetische voet vraagt extra aandacht. Door diabetes kunnen zenuwen en bloedvaten in de voeten minder goed functioneren. Daardoor kunnen wondjes, blaren of drukplekken minder snel worden opgemerkt en soms minder goed genezen.

    Een goede dagelijkse voetverzorging helpt om problemen vroeg te ontdekken. Belangrijk om te weten: een diabetische voet moet niet alleen verzorgd, maar vooral regelmatig gecontroleerd worden. Een klein wondje kan bij diabetes sneller uitgroeien tot een ernstig probleem.

    Belangrijk: deze checklist is bedoeld voor dagelijkse verzorging en controle van de voeten. Bij een bestaande wond, infectie of verkleuring van de voet is professionele beoordeling belangrijk.

    Dagelijkse checklist

    ☐ 1. Controleer elke dag je voeten

    Neem dagelijks even de tijd om beide voeten volledig te bekijken. Controleer:

    • de bovenkant en onderkant van de voeten;

    • de hielen;

    • de ruimte tussen de tenen;

    • de nagels;

    • plekken die rood, gezwollen of verkleurd zijn;

    • blaren, wondjes, kloofjes of schaafplekjes;

    • eelt of likdoorns;

    • drukplekken.

    Kun je de onderkant van je voeten niet goed zien? Gebruik dan een spiegel of vraag iemand om te helpen.

    Let ook op veranderingen ten opzichte van de vorige dag. Een plek die gisteren nog normaal was en vandaag rood, warm of gezwollen is, verdient extra aandacht.

    ☐ 2. Was je voeten voorzichtig

    Was je voeten dagelijks met lauw water. Vermijd zeer heet water, zeker wanneer je minder goed voelt of temperatuurverschillen moeilijk kunt inschatten.

    Gebruik indien nodig een milde zeep en was de voeten voorzichtig. Lang weken van de voeten wordt afgeraden, omdat de huid daardoor week kan worden en gemakkelijker beschadigt.

    Controleer de temperatuur van het water liever met je elleboog of hand dan met je voeten wanneer je minder gevoel in de voeten hebt.

    ☐ 3. Droog je voeten goed

    Droog de voeten zorgvuldig af met een zachte handdoek.

    Besteed extra aandacht aan de ruimte tussen de tenen. Daar mag geen vocht achterblijven, omdat een vochtige huid sneller kan verweken en kwetsbaarder kan worden.

    Niet hard wrijven. Dep de voeten voorzichtig droog.

    ☐ 4. Houd de huid soepel

    Een droge huid kan barsten en kloofjes veroorzaken. Wanneer de huid droog is, kun je een vochtinbrengende voetcrème gebruiken.

    Smeer de crème op de droge huid van de voeten, maar niet tussen de tenen, tenzij een zorgverlener dit specifiek heeft geadviseerd.

    Kloofjes, wondjes of andere beschadigingen van de huid verdienen extra aandacht.

    ☐ 5. Controleer je nagels

    Knip je teennagels voorzichtig en bij voorkeur recht af. Knip ze niet extreem kort en probeer de hoeken niet diep weg te knippen.

    Heb je verminderd gevoel in je voeten, slecht zicht, moeilijk bereikbare voeten of problemen met je nagels? Laat het knippen dan liever uitvoeren of begeleiden door een professional die ervaring heeft met diabetesvoeten.

    Knip nooit zelf in een ingegroeide nagel.

    ☐ 6. Ga voorzichtig om met eelt en likdoorns

    Gebruik bij een diabetische voet niet zomaar een mesje, eeltrasp of ander scherp voorwerp om eelt te verwijderen.

    Ook producten met een sterk bijtende werking, zoals sommige likdoornpleisters, zijn niet geschikt om zonder professioneel advies te gebruiken.

    Eelt kan namelijk wijzen op een plek waar langdurig druk of wrijving ontstaat. Het is daarom belangrijk om niet alleen het eelt te verwijderen, maar ook de oorzaak van de druk aan te pakken.

    Laat hardnekkig eelt of likdoorns beoordelen door een deskundige.

    Schoenen en sokken: minstens zo belangrijk

    Veel voetproblemen ontstaan door druk of wrijving. Goede schoenen zijn daarom een belangrijk onderdeel van de verzorging.

    ☐ 7. Controleer je schoenen voordat je ze aantrekt

    Voel of kijk of er geen:

    • steentjes;

    • harde voorwerpen;

    • plooien;

    • beschadigingen;

    • scherpe randjes

    in de schoenen zitten.

    Een klein voorwerp in een schoen kan ongemerkt een wond veroorzaken wanneer je minder gevoel in je voeten hebt.

    ☐ 8. Draag goed passende schoenen

    Kies schoenen die voldoende ruimte bieden voor je tenen. Ze mogen niet knellen, schuren of druk uitoefenen op uitstekende delen van de voet.

    Nieuwe schoenen kun je het beste geleidelijk inlopen. Controleer na het dragen of er rode plekken of andere drukplekken zijn ontstaan.

    Loop bij voorkeur niet blootsvoets, ook niet binnenshuis. Je kunt je voet verwonden zonder dit meteen te voelen.

    ☐ 9. Kies geschikte sokken

    Draag schone, comfortabele sokken die niet knellen.

    Let erop dat elastische randen geen sterke druk veroorzaken. Controleer ook of er geen dikke naden of plooien zijn die voortdurend tegen de huid drukken.

    Wat moet je doen bij een wondje?

    Een wondje aan een diabetische voet verdient meer aandacht dan een gewoon schaafwondje.

    ☐ 10. Ontdek je een wond?

    Niet negeren en niet zelf blijven behandelen zonder advies.

    Maak de plek voorzichtig schoon en bescherm deze tegen verdere wrijving of druk. Neem vervolgens contact op met je huisarts, diabeteszorgverlener of het voetenteam, afhankelijk van de afspraken die je voor jouw diabetes hebt.

    Probeer een wond niet zelf open te snijden, te ontsmetten met agressieve middelen of te behandelen met allerlei huis-tuin-en-keukenmiddeltjes.

    Ook wanneer een wondje klein lijkt, kan het bij diabetes belangrijk zijn om het tijdig te laten beoordelen.

    Let op deze alarmsignalen

    Neem snel contact op met een arts of zorgverlener wanneer je één van deze veranderingen opmerkt:

    • een wond die niet snel verbetert;

    • toenemende roodheid;

    • zwelling;

    • warmte van de voet;

    • pus of andere afscheiding;

    • een onaangename geur;

    • toenemende pijn;

    • een plotselinge verandering van kleur;

    • een blauwe, paarse of zwarte verkleuring;

    • een blaar die open is gegaan;

    • een wond die groter of dieper wordt;

    • koorts of je je ziek voelt.

    Een plotseling zeer koude, bleke/blauwe of zwarte voet, of een snel verslechterende voet, is een alarmsituatie. Zoek dan onmiddellijk medische hulp.

    Let bovendien op een belangrijk punt: geen pijn betekent niet automatisch dat er niets aan de hand is. Door zenuwschade als gevolg van diabetes kan het gevoel in de voeten verminderd zijn.

    Wat je beter niet doet

    Bij diabetes zijn sommige ogenschijnlijk normale voetverzorgingsgewoonten minder verstandig.

    Vermijd daarom:

    • op blote voeten lopen;

    • zeer heet water gebruiken;

    • voeten langdurig laten weken;

    • zelf in eelt, likdoorns of wratten snijden;

    • blaren zelf openprikken;

    • ingegroeide nagels zelf uitsnijden;

    • agressieve middelen gebruiken op de huid;

    • schoenen dragen die knellen of schuren;

    • wondjes negeren omdat ze geen pijn doen.

    Een eenvoudige dagelijkse routine

    Je hoeft van voetverzorging geen ingewikkeld ritueel te maken. Een vaste routine helpt om niets te vergeten.

    Elke dag:

    ☐ Voeten bekijken☐ Tussen de tenen controleren☐ Controleren op roodheid, zwelling, blaren of wondjes☐ Voeten wassen met lauw water☐ Goed afdrogen, vooral tussen de tenen☐ Droge huid verzorgen met crème, maar niet tussen de tenen☐ Nagels en eelt controleren☐ Schoenen controleren voordat je ze aantrekt☐ Controleren of schoenen nergens drukken of schuren

    Eén keer per week: neem wat extra tijd om de voeten grondiger te bekijken en veranderingen te vergelijken met de voorgaande week.

    Wanneer professionele hulp inschakelen?

    Een goede voetverzorging thuis is belangrijk, maar vervangt de controles door je zorgverlener niet.

    Laat je voeten regelmatig controleren volgens het schema dat je met je huisarts, diabetesverpleegkundige, podoloog/podotherapeut of andere zorgverlener hebt afgesproken.

    Heb je al eerder een voetwond gehad, heb je gevoelsverlies, problemen met de doorbloeding, ernstige eeltvorming of andere risicofactoren? Dan kan extra professionele voetcontrole nodig zijn.

    De belangrijkste regel

    Controleer je voeten iedere dag en wacht niet af wanneer er iets verandert.

    Bij een diabetische voet is vroeg reageren vaak belangrijker dan uitgebreid zelf behandelen. Een rood plekje, blaar of wondje kan klein beginnen, maar door verminderd gevoel of een slechtere doorbloeding kan het probleem ernstiger worden.

    Bij twijfel geldt daarom:

    liever één keer te veel laten controleren dan één keer te laat.

    Korte checklist om te bewaren

    IEDERE DAG

    ☐ Voeten gecontroleerd☐ Tussen tenen gecontroleerd☐ Geen wondjes/blaren/drukplekken☐ Geen nieuwe roodheid of zwelling☐ Voeten gewassen en goed gedroogd☐ Droge huid verzorgd☐ Schoenen gecontroleerd☐ Geen knellende sokken of schoenen☐ Bij afwijking: zorgverlener gecontacteerd indien nodig

    Bij een wond, infectietekenen, verkleuring of snel veranderende voet: niet afwachten, maar medisch advies vragen.


     
     
     

    Recente blogposts

    Alles weergeven

    Opmerkingen


    bottom of page